Radar proeft praktijk van thuiszorg

26 augustus

De adviseurs van Radars nieuwe marktteam Zorg & Participatie hebben meegedraaid in de thuiszorg. Tijdens een stage kregen ze een kijkje in de keuken van verzorgenden en hun cliënten. Een persoonlijk verslag.


Adviseurs van Radar liepen enkele dagen mee met de medewerkers van thuiszorginstelling Amsta in Amsterdam. Zo leerden zij de praktijk van beleid en regelgeving in de thuiszorg kennen. Zij ondervonden de praktische uitwerking van beleidsadviezen in de thuiszorg (verzorging) en van hulp bij het huishouden. De adviseurs spraken met zowel cliënten als medewerkers die werken binnen het domein van Wmo en AWBZ. Radar kan gemeenten zorgaanbieders en het ministerie van VWS door deze stage prima inzicht geven in de gevolgen van beleidskeuzes. En in de wijze waarop mensen op de werkvloer omgaan met wet- en regelgeving. Manou van Eerten, expert op het gebied van de Wmo, heeft haar stage-ervaringen opgeschreven.

 

Vroeg uit bed

Het is erg vroeg als de wekker al voor half zeven gaat. Ik moet me om half acht 's ochtends melden bij de medewerkers van het thuiszorgteam van Amsta. In een half uur bespreken we de cliënten die we vandaag bezoeken en maken we een planning. We kiezen routes van cliënten die zo dicht mogelijk bij elkaar wonen. Vervolgens vindt een overdrachtmoment plaats waarin we bespreken wat er de vorige dag bij een cliënt is gebeurd. Tijd om op pad te gaan. Ik mag mee met verzorgende Angela die al ruim veertig jaar in de thuiszorg werkt.

 

Naar De Koda

We fietsen samen richting Dappermarkt naar De Koda, een betonnen appartementencomplex uit de jaren zeventig. In De Koda maakt het merendeel van de bewoners gebruik van thuiszorg. Deze unieke situatie is ontstaan toen het hele complex een dependance van verpleeghuis Wittenberg was. Bedoeld voor zorgbehoevende mensen met een zorgindicatie. Toen was er 24-uurs verzorging, nu betalen de mensen hun huisvesting zelf. Hierdoor wonen er ook mensen zonder indicatie. Angela stelt me voor een aantal bijzondere mensen.

 

Flitsbezoek

We beginnen met een flitsbezoek aan een mevrouw van negentig die hardhorend is, geen familie heeft en weinig buiten de deur komt. Angela zegt tegen mevrouw dat ze niet lang kan blijven. Er is namelijk een meneer die op tijd naar het ziekenhuis moet en een mevrouw die voor tien uur op de dagopvang moet zijn. Angela vertelt me later dat ze, gelet op de indicatie van de vrouw, officieel geen praatje kan maken. Toch doet ze dit wel vaak omdat ze het schrijnend vindt dat mevrouw aan het vereenzamen is.

 

Stopwatchzorg

In totaal bezoeken we tien cliënten, met elk hun eigen verhaal. De werkzaamheden variëren van steunkousen aantrekken (7 minuten) en wassen (30 minuten) tot beschuitjes smeren en het bed opmaken (2 minuten). Ik maak veel praatjes, maar ben om elf uur blij dat het pauze is. Het werk is zwaar door de vele ontmoetingen, de zogenaamde stopwatchzorgverlening (strakke registratie van elke minuut) en het voortdurende lopen. Opvallend is vooral de eenzaamheid van de cliënten en de betrokkenheid van de verzorgers. De meeste oudere cliënten komen niet meer uit hun appartement.

 

Terugblik

Als ik naar huis fiets, laat ik de ouderen die ik gezien en gesproken heb de revue nog eens passeren. Elke dag met grote haast je steunkousen aangetrokken krijgen door telkens een andere verzorger. Geen tijd voor een kopje koffie of een praatje. Ik realiseer me dat veel afhangt van familie en mantelzorger. Ik vraag me af welk soort ouderdom mijzelf wacht. Gelukkig zal het aan de betrokken medewerkers niet liggen!