Actuele kijk Radar op de drie transities

1 november
Vanuit onze teams Werk, Jeugd en Zorg & Welzijn nemen we u mee in onze actuele kijk op de werkelijkheid. In onze berichtgeving gaan we telkens wat dieper in op één van de drie transities. Deze keer een actuele kijk op de transitie Jeugdzorg.

RadarAdvies en Seinpost hebben gemeentelijke voorbereidingen op transitie jeugdzorg onderzocht

 

Begonnen met voorbereiding, maar nog niet gevorderd

Uit een enquête van RadarAdvies en Seinpost waaraan 107 wethouders en gemeentelijke directeuren deelnamen, blijkt dat nagenoeg alle gemeenten zijn begonnen met voorbereidingen op de transitie jeugdzorg. De meeste zijn echter niet verder dan oriënteren en het vergaren van kennis. Ongeveer de helft van de respondenten heeft een beeld van de instellingen die in hun gemeente jeugdzorg leveren, en hoeveel van hun inwoners daar gebruik van maken. De andere helft van de wethouders en directeuren heeft dat niet in beeld. Naast de decentralisatie van de jeugdzorg worden ook de Awbz-begeleiding en de Wet werken naar vermogen (Wwnv) gedecentraliseerd. De helft van de respondenten start de vormgeving van de stelselwijzigingen los van elkaar, maar zal gedurende het proces dwarsverbanden leggen. Een kwart pakt de drie stelselwijzigingen van meet af aan integraal op.

 

Gemeenten betrekken partners volop

De respondenten betrekken hun partners volop in de transitie. Bijna alle respondenten willen bij de transitie jeugdzorg samenwerken met andere gemeenten in de regio, het onderwijs betrekken en gebruik maken van de kennis van Bureau Jeugdzorg. Over de rol van het Centrum voor Jeugd en Gezin is men minder stellig. De helft ziet een centrale rol voor het CJG weggelegd, de andere helft beraadt zich nog op de plaats voor het CJG in het nieuwe stelsel. Driekwart van de respondenten betrekt het Veiligheidshuis en het Steunpunt Huiselijk Geweld in de transitie jeugdzorg. De verbinding tussen het CJG en het onderwijs vraagt de nodige aandacht.

 

Nog weinig zicht op financiën, preventie nodig voor besparingen

Zes op de tien respondenten geeft aan nog geen beeld te hebben van de financiële consequenties van de transitie. Minder dan een vijfde heeft in beeld hoeveel geld op dit moment, dus voor de transitie, gemoeid is met de jeugdzorg in hun gemeente. Dat kostenbesparingen nodig zullen zijn, is duidelijk. Een derde denkt dat dit niet kan zonder kwaliteitsverlies. Zestig procent wil meer preventieve jeugdzorg, en ziet dat als een manier om kosten te besparen. Preventie is voor hen een belangrijk instrument om te voorkomen dat kinderen en jongeren in dure specialistische zorg terecht komen. Twee derde van de respondenten oriënteren zich voor de transitie op de eigen kracht van burgers.

 

Andere trends

Naast de uitkomsten uit het onderzoek zien we enkele andere trends in onze uitvoeringspraktijk.

     

  • Zoals uit ons onderzoek blijkt, halen gemeenten veel informatie bij uitvoeringsinstellingen. Diverse gemeentelijk beleidsmakers zien hier echter ook een dilemma: in hoeverre kan met bestaande instellingen het stelsel daadwerkelijk worden getransformeerd?
    In extremo zien zij twee veranderingsstrategieën. In de eerste plaats een strategie die uitgaat van veranderen in actieve samenwerking met bestaande instellingen. In de praktijk zien we geregeld dat instellingen, bijvoorbeeld binnen pilots, hun werkwijze al aanpassen, bijvoorbeeld door gebruik te maken van de experimenteerruimte rond indicatiestelling.
    Een andere stroming heeft echter twijfels bij deze werkwijze. Het betekent dat bestaande instellingen nu al een eigen invulling kunnen geven aan de transitie, terwijl gemeenten zelf - als relatieve buitenstaanders - daar wellicht nog niet aan toe zijn. Het beperkt ook de ruimte voor nieuwe aanbieders. Deze stroming ziet er dan ook meer heil in om eerst als gemeente het huiswerk te doen, en dan pas uitvoerders uit te nodigen een aanbod te doen.
  • Wij horen bij veel gemeenten beduchtheid dat het Rijk, en met name de Tweede Kamer, de beleidsvrijheid van gemeenten weer dicht zal regelen, zoals ook in het wetgevingstraject rond de Wmo is gebeurd. Voor diverse gemeenten is dit reden proactief aan de slag te zijn met de transitie.
  • Eerstelijnorganisties (zoals huisartsen) en daarnaast de scholen met leerkrachten zijn onvoldoende op de hoogte van de toekomstige rol van gemeenten in de jeugdzorg. Communicatie over de transitie in het algemeen is noodzakelijk. In het bijzonder gaat het om zaken als de meldcode kindermishandeling die waarschijnlijk vanaf 2012 ingaat, de netwerkgedachte die ten grondslag ligt aan het CJG, de eigen kracht werkwijze die steeds meer voet aan de grond krijgt en de afname van het budget voor specialistische zorg.
  •